|
De inspectie van het onderwijs gaat het toezicht op de scholen anders organiseren. Samenvattend komt het er op neer dat nu het bevoegd gezag van de scholen wordt aangesproken en niet meer zozeer de scholen zelf. Daarnaast is het zo dat de bezoeken aan de scholen zullen gebeuren op basis van een risico-analyse op basis van een aantal ijkpunten. Scholen die goed presteren, zullen minder intensief toezicht krijgen dan scholen waarbij diverse risico's geconstateerd worden.
De complete brief van de Inspecteur-generaal van het Onderwijs, J.H.J. Teuwen leest u hieronder.
Geachte mevrouw/heer, Hierbij vraag ik uw aandacht voor belangrijke veranderingen in het toezicht. Uitgangspunt van het toezicht is, zoals ook in het nieuwe regeerakkoord staat, dat scholen die goed presteren, minder toezicht kunnen 'verdienen'. Minister Plasterk heeft deze plannen op 27 juni in de vaste kamercommissie voor onderwijs toegelicht. Het leek ons juist om u zo snel mogelijk in kennis te stellen van deze ontwikkelingen. Het nieuwe toezicht, conform de Wet op het onderwijstoezicht, doet recht aan de steeds grotere zelfstandigheid en professionaliteit van het bevoegd gezag. Aanspreekpunt voor het toezicht zal dan ook zijn het bevoegd gezag, en niet meer de directies van onderwijsinstellingen. Bij die grotere zelfstandigheid past echter wél verantwoording. Het toezicht zal maximaal worden afgestemd op de verantwoording door het bevoegd gezag en op het interne toezicht. De rode draad in de veranderingen is: minder last, meer effect. Minder toezichtlast en meer effect doordat het toezicht op basis van risico-analyse werkt. Het zal zich dus méér richten op de besturen van scholen waar het risico op onvoldoende kwaliteit het grootst is. Wat houdt dat concreet in? Toezicht op basis van risico's Het toezicht gaat op basis van risico's plaatsvinden. De inspectie stelt voor elk bestuur in beginsel éénmaal per jaar, na een risico-analyse, een toezichtarrangement op. In dit toezichtarrangement staat welk toezicht de instellingen die onder dat bestuur vallen dat jaar zullen krijgen. Bij die scholen waar de toezichthouder geen risico's aantreft, wordt er in dat jaar in principe géén verdere toezichtactiviteit uitgevoerd. Is er wél sprake van een risico of een vermoeden daarvan, dan worden beschikbare gegevens van de scholen verder onderzocht en kan de toezichthouder, in overleg met het bestuur, meer informatie inwinnen over de gesignaleerde risico's. Hierbij kijkt de toezichthouder ook naar het bestuurlijk vermogen van het bestuur. Vervolgens zal de toezichthouder bij die instellingen waar dat nodig is, onderzoek uitvoeren. Afhankelijk van de uitkomst daarvan volgen gerichte interventies om weer tot voldoende kwaliteit te komen. Het bestuur van die instellingen is ook hier het eerste aanspreekpunt voor de toezichthouder. Zodra de interventies hun doel bereikt hebben en de kwaliteit weer van voldoende niveau is, zal weer minder toezichtactiviteit plaatsvinden. De bevragingslast aan scholen wordt hiermee drastisch teruggedrongen. De jaarlijkse risico-analyse van alle scholen vindt namelijk zo veel mogelijk plaats op basis van reeds beschikbare gegevens, zoals onderwijsopbrengsten, jaardocumenten, signalen (waaronder klachten) en uitkomsten van eerder toezicht. Deze gegevens moeten aan bepaalde minimumeisen voldoen; u ontvangt binnenkort meer informatie over nieuwe regels voor de jaardocumenten. Uitsluitend als er risico's zijn gesignaleerd en er meer onderzoek nodig is, wordt om aanvullende informatie verzocht. Toezicht op kwaliteit en op besteding van middelen Een tweede belangrijke verandering is dat toezicht op kwaliteit van het onderwijs, rechtmatige besteding van middelen, financieel beheer én financiële positie van scholen en instellingen worden samengevoegd. Inspectie en Auditdienst doen gezamenlijk onderzoek, beoordelen de kwaliteit mede in relatie tot de besteding van middelen en brengen ook één rapport uit. De rol van de instellingsaccountants verandert niet. Zij geven, in opdracht van het bevoegd gezag, accountantsverklaringen af bij de jaarrekeningen en bekostigingsgegevens. Daarnaast blijft de inspectie thema-onderzoeken verrichten, om een beeld te krijgen van de staat van het onderwijs, en nalevingsonderzoek naar specifieke thema's. Ook steekproefs-gewijze onderzoeken en onaangekondigde bezoeken ('reality check') blijven plaatsvinden. Wet op het onderwijstoezicht Het nieuwe toezicht bouwt voort op de belangrijkste uitgangspunten - proportionaliteit en onafhankelijkheid van de toezichthouder en openbaarheid van de oordelen - van de huidige Wet op het onderwijstoezicht. Bij de wijziging van de WOT, gepland in 2008, zullen deze uitgangspunten dan ook centraal blijven staan en zullen begrippen als 'toezichtarrangement' en 'risicogericht toezicht' expliciet benoemd worden. Wat betekent dit concreet voor de besturen en onderwijsinstellingen? De inspectie zal bij het primair en voortgezet onderwijs en expertisecentra in het schooljaar 2007/2008 met deze aanpak van start gaan. Voor de instellingen betekent dit dat vooral de besturen, en niet meer de schooldirecties, eerste aanspreekpunt zullen zijn. Bij besturen waar geen risico's zijn gesignaleerd, worden in schooljaar 2007/2008 in principe geen toezichtactiviteiten uitgevoerd - uiteraard tenzij een concrete aanleiding daartoe ontstaat. Wel zal de inspectie uiterlijk voor het jaar 2009 een gesprek voeren met alle besturen in po, vo en ec. Het toezicht zal zich specifieker gaan richten op die besturen waar wél risico's zijn gesignaleerd. Met deze besturen - en waar nodig met de scholen zelf - treedt de inspectie actief in overleg, vraagt zij nadere informatie op, doet zo nodig onderzoek en legt waar nodig interventies op. Daarbij kan gedacht worden aan prestatie-afspraken. Alle scholen die nu zeer zwak of risicovol zijn en onder intensiever toezicht staan (de huidige PKO-2 en OKV-arrangementen), zullen daar in ieder geval toe behoren. De inspectie zal vanaf augustus 2007 met deze besturen contact opnemen. Meer informatie over het nieuwe toezicht vindt u op de website van de inspectie, www.onderwijsinspectie.nl. Ook actuele ontwikkelingen zijn hier te vinden. Hoogachtend, de Inspecteur-generaal van het Onderwijs, J.H.J. Teuwen Kijk voor meer informatie hierover op de site van de inspectie .
Kijk ook eens op de pagina met demo's welke zaken u met ParnasSys allemaal aan de inspectie kunt laten zien. Er is een speciale presentatie die ook aan inspecteurs is getoond. |